Hoe toont men het verband tussen taal en cultuur middels woorden aan?

Geschreven door Dyami Millarson

Het is mogelijk om een beeld te krijgen van de Indo-Europese cultuur en omgeving middels de woordenschat van de Proto-Indo-Europese taal. Zo kan men ook de cultuur en omgeving van verscheiden Friese taalgemeenschappen herleiden aan de woordenschat van hun gemeenschapstalen. Dat deze Friese stammen allemaal verschillende culturen en omgevingen hebben is weerspiegeld in de taal die zij spreken, maar hoe werkt het precies om dat te achterhalen en hoe kunnen we concrete bewijzen vinden in de woordenschat en zijn die bewijzen falsifieerbaar om wetenschappelijk aanvaardbaar te zijn?

Ten eerste kan men naar de woordenschat kijken van een taal en zoeken naar concepten die de cultuur beschrijven. Men kan laatste sprekers vragen om hun eigen cultuur te beschrijven en men kan hun beschrijvingen gebruiken om te zoeken naar culturele concepten die in de woordenschat vastgelegd zijn. Vervolgens kan men kijken naar de frequentie van bepaalde woorden om een beeld te krijgen van de cultuur en omgeving van een taal. Hiervoor kan men zich beroepen op teksten die in het verleden door moedertaalsprekers opgesteld zijn of zinnen die men verzameld heeft van gesprekken met laatste sprekers.

Voor het gebruik van de frequentie van woorden voor het bepalen van of woorden wel of niet relevant zijn voor het begrijpen van de cultuur en omgeving is van groot belang of de teksten of zinnen, die voor het onderzoek geraadpleegd worden, wel binnen de culturele belevingswereld vallen van de sprekers van de taal. Bijvoorbeeld het herleiden van woordfrequenties uit een bijbeltekst geeft geen goed beeld over de cultuur en omgeving van een Friese taalgemeenschap. Er zijn dus beperkingen met het gebruik van woordfrequentie. Men dient goed op te letten met de bronnenkeuze, want die is bepalend voor het beeld dat ontstaat. Er kan algauw een verkeerd beeld ontstaan indien bronnen geraadpleegd worden die buiten de belevingswereld vallen van een bepaalde taalgemeenschap.

Een manier om te zoeken naar concrete bewijzen voor het verband tussen taal, cultuur en omgeving is het opschrijven van de levensverhalen van laatste sprekers. De vragen stellende onderzoeker heeft de regie en kan de uitkomst van het onderzoek tot een goed resultaat begeleiden. Het is hierbij van belang om niet te veel af te dwalen van het culturele doel. Levensverhalen vastleggen in de eigen taal is van belang voor cultureel onderzoek en het vinden van concreet bewijs voor de bewering dat er een band bestaat tussen taal en cultuur, derhalve moet er vooral gekeken worden naar de kennis van de omgeving en beschrijving van de eigen cultuur. Het gesprek dient vooral in een culturele richting gestuurd te worden, waarin vragen zoals “hoe ziet u uw eigen gemeenschap?”, “wat zijn de deugden van uw gemeenschap?”, “hoe verschilt uw gemeenschap van de buitenwereld?” en dergelijke aan bod komen. Het is zeer belangrijk om vast te leggen hoe mensen zichzelf zien in relatie tot de gemeenschap (bijv. zien zij zich als onderdeel van een groter geheel?), wat zij weten van hun cultuur en omgeving en wat voor woorden zij gebruiken om hun eigen gemeenschap te beschrijven. Vragen naar identiteit, algemene kennis van omgeving en cultuur en zelfbeschrijving van taal en cultuur komen dus aan bod.

Dit is een simpele uitleg van de aanpak die er verkozen kan worden om met behulp van de taal en met de hulp van laatste sprekers of authentieke teksten het verband tussen taal en cultuur aan te tonen. Het is van belang om dit telkens weer opnieuw aan tonen.

4 comments

    • Ik wil op een dag ook het Afrikaans leren. Dat lijkt me wel leuk. Ik heb afgelopen tijd veel in het Engels geschreven.

      The article above, which I wrote in Dutch, is about words showing the connection between language and culture. This idea has recently been demonstrated in my 2020 article about foraging experiences where I delve into the cultural implications of words:
      https://operationxblog.wordpress.com/2020/12/30/2020-first-time-foraging-experiences/

      Dutch, Afrikaans and Frisian are closely related languages, so you may be able to relate to the examples I give in the article about foraging.

      Like

      • Thank you it was very interesting on so many different levels. I love the idea of foraging, love the information on the languages and the oak tree. Absolutely amazing. 👍👍

        Liked by 1 person

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s