Het Wangeroogs leeft weer na 70 jaar

Geschreven door Dyami Millarson

70 jaar, 7 maanden en 17 dagen na het uitsterven van het Wangeroogs is de unieke Friese taal van het Duitse Waddeneiland Wangerooge weer terug. Vandaag is het einde van mijn taaluitdaging om het Wangeroogs te leren. Ik kan daardoor het Wangeroogs zowel spreken en schrijven. Ik ben nu bezig deze kennis door te geven aan Giovanni Pinto teneinde dat wij met elkaar in de Wangeroger taal onze gedachten, gevoelens, ervaringen enzovoorts kunnen uitwisselen. Het valt niet mee om een dode taal terug te brengen, maar het heeft zeker een meerwaarde om het Wangeroogs niet een dode taal te laten blijven.

Het Wangeroogs behoort tot het Wezerfries dat tot recent een uitgestorven tak van het Oosterlauwers Fries was. De terugkeer van het Wangeroogs houdt dus ook de terugkeer van het Wezerfries in, en dit is zeker een voordeel. Het Oosterlauwers Fries werd vroeger zowel in Groningen (Nederland) als Oostfriesland (Duitsland) gesproken. Het Wangeroogs geldt daarmee ook als Nederlands erfgoed. Het Wangeroogs staat zeer dicht bij het Oudfries wat uitspraak betreft. Een spreker van het Oudfries zou, mijns inziens, redelijk wat kunnen verstaan van het Wangeroogs.

Het zal echter wat hier en daar wat wennen voor hem zijn vanwege versimpelde grammatica en leenwoorden. In ieder geval staat het Wangeroogs zo dicht bij het Oudfries dat het mij passend dunkt om dit te beschouwen als modern Oudfries en nu het Wangeroogs weer leeft, mag men het ook aanmerken als levend Oudfries. Namelijk, wat zou er gebeuren als het Oudfries nog steeds gesproken werd, wat leenwoorden overnam en de grammatica wat versimpelde? Het is onrealistisch om te verwachten dat de taal helemaal hetzelfde blijft. Dit is toch wel het dichtst dat we bij het Oudfries kunnen komen.

In vergelijking met alle andere Friese talen die ik bestudeerd heb, viel mij op van de Wangerooger uitspraak op dat de stemhebbende en stemloze th-klanken behouden heeft, een bilabiale w heeft, veel tweeklanken van het Oudfries bewaard heeft, lange klinkers heeft in onbeklemtoonde lettergrepen waar andere Friese – en Germaanse – talen een schwa vertonen, en nog meer merkwaardigheden. Het was dus, alleen al op fonologisch gebied, gewoon zonde het niet terug te brengen. Aangezien het Oudfries ongeveer zoals het Wangeroogs geklonken zou hebben, is nu ook de klank van het Oudfries terug.

We hebben geen geluidsbandje dat we kunnen beluisteren van het Oudfries, maar het Wangeroogs is het dichtst dat wij bij zulk een geluidsbandje zouden kunnen komen. Aangezien het Wangeroogs de klank van het Oudfries behoorlijk trouw weergeeft, zou men ook een fonologisch argument kunnen maken waarom het Wangeroogs tevens Nederlands erfgoed is: deze taal is een soort geluidsband van hoe het Fries in Nederland ook geklonken zou hebben. Met andere woorden, het Wangeroogs als zeer behoudende taal weerspiegelt de klank van het Oudfries dat vroeger in Nederland gesproken werd.

In het begin kreeg ik met het Wangeroogs bijna het idee dat ik met een buitenaardse taal te maken had, het wijkt zo af van veel moderne Friese – en Germaanse – talen. Het lijkt qua medeklinkers wel op het Engels, maar de klinkers en tweeklanken van het Wangeroogs zijn veel conservatiever dan die van het moderne Engels, waardoor het zelfs behoorlijk in de buurt van het Oudengels komt. De klanken v.h. Wangeroogs, die doen denken aan een oude Germaanse taal, maakten het makkelijk om de taal als andere oude Germaanse talen, vooral het Oudengels, te spellen en vervolgens het ook te schrijven in ruinenstaven.

Alhoewel het enigen al opgevallen was dat het Wangeroogs zeer archaïsch is op het gebied van klanken, kwam dit des te duidelijker naar voren toen ik actief met de taal bezig was. Dit was niet een gewoon droog feitje voor mij meer, maar het kwam tot leven en ik werd erin ondergedompeld. Ik heb het helemaal eigen gemaakt. Op het eerste gezicht kwam het Wangeroogs heel vreemd, zelfs bijna buitenaards, over. Ik kon het eigenlijk eerst niet geloven dat de taal er werkelijk zo uitziet. Op den duur wende ik echter eraan dat het Wangeroogs echt zo is. Er is ongetwijfeld veel bijzonders aan het Wangeroogs.